20 maart 2026

Lentedag

Gisteren was het een zonovergoten lentedag. Samen met onze poes zat ik in de tuin. De poes deed de tuin, ik las een boek.
En ik moest denken aan een lied van Doe Maar, geschreven door Ernst Jansz. Het lied heet Oorlog, en is terug te vinden op Klaar. Het album Klaar was in 2000 de reünie-plaat van de band.
Jansz vraagt zich af:

is hij altijd bij ons
rust hij slapend op het plein
waar mensen buiten zitten in de zon
wanneer begint de oorlog
is er oorlog tussen ons.

Ik weet niet wanneer het begint. Zo met de poes in de tuin moest ik niet denken aan oorlog.
(De tekst komt uit Dit Is Alles. De teksten van Doe Maar en andere stukken, dat in 2000 verscheen).

14 maart 2026

Tears of Rage

De Boekenweek is weer volop bezig. Dit jaar is het thema "Mijn generatie" en draait om generatiegevoel, familiegeschiedenis, intergenerationele overdracht en de verschillen en overeenkomsten tussen groepen.
Ik ben in dit verband het lied Tears Of Rage nog niet tegengekomen. Dat lied is geschreven door Bob Dylan en Richard Manuel, de zingende pianist van The Band. Een lied over de ondankbaarheid, die Amerikaanse veteranen na de Vietnam-oorlog hebben ervaren. Of dgaat het over de idealen die door nieuwe generaties worden verbleekt? Of is het een bewerking van Shakespeare's King Lear, over verraad en verdriet?
Ach, zo heeft elke generatie zijn eigen literatuur. En zijn eigen interpretaties van het voorgaande.

07 maart 2026

Gijsbrecht

Een halve maand geleden waren mevrouw Frits en ik in Apeldoorn. We passeerden de auto op de Gijsbrechtstaete, naast de Gijsbrechtgaarde. En ik dacht aan Amsterdam.
Elk jaar wordt in de hoofdstad het toneelstuk Gijsbrecht van Aemstel van Joost van den Vondel opgevoerd. Een soort nieuwjaarsreceptie. Twee jaar geleden waren wij bij een matinee-uitvoering hiervan. We hebben erg genoten, en gelachen, want hoewel het een treurspel is, is het geen treurig spel.
Maar op dat moment hadden mevrouw Frits en ik andere dingen aan ons hoofd. Zo tussen de staete en de gaarde.

28 februari 2026

Hamnet

Vandaag waren mevrouw Frits en ik bij de film Hamnet. Dit is de verfilming van het gelijknamige boek van Maggie O'Farrell, inmiddels ook al vijf jaar oud. We lazen het boek een tijd terug voor onze literatuurkring.
Een bijzonder verhaal. Over William Shakespeare, die zijn zoon Hamnet verliest. Om zijn verdriet vorm te geven, schrijft hij een toneelstuk: Hamlet, Prins van Denemarken. In Shakespeares dagen nam men het niet zo nauw bij de burgerlijke stand, en zijn de namen Hamnet en Hamlet inwisselbaar.
Twee uur duurt de film. Een lange zit, zo zonder pauze. Maar we hebben ons niet verveeld. De film blijft redelijk dicht bij het verhaal uit het boek. Natuurlijk blijft het boek beter dan de verfilming, maar vooruit.
We zijn lopend op en neer gegaan. Een mooie wandeling van twee keer een uur. Een goede manier om samen over de thematiek van dit verhaal na te denken.

21 februari 2026

Quabbenburgerweg

Sinds jaar en dag staat in mijn boekenkast het naslagwerk Over straatnamen met name van René Dings. Een onderhoudend boek over straatnamen. De historie, een overzicht. Door dit boek let ik wel eens vaker op straatnamen.
Zo passeerden mevrouw Frits en ik onlangs de Quabbenburgerweg. Vanwege die Q een weinig voorkomende naam. Even verderop was de Beentjesweg. Ik dacht aan de beentjes van Sint Hildegard, de film van Herman Finkers.
En het Gaarthepad, dat me doet denken Garth Hudson, de organist van The Band.
Kortom, de paden op en de lanen in. Omdat je daar mooie proza en poëzie vindt.

18 februari 2026

Terugtrekkende staatssecretaris

Nathalie van Berkel was tot begin deze week een veelbelovende politica namens D66. Nadat ze na de vorige verkiezingen voor de Tweede Kamer in het parlement kwam, was haar volgende stap het staatssecretariaat voor Financiën.
Ware het niet dat ze haar kandidatuur introk. En ook het Huis van de Volksvertegenwoordiging verlaat. Van Berkel doet dat, omdat er vragen waren gerezen rond haar diploma's. Ze had hierover foute informatie verstrekt.
Van Berkel stopt nog voordat ze is begonnen. Dat is een ander verhaal dan bij een andere staatssecretaris, Philomena Bijlhout. In 2002 werd zij namens de Lijst Pim Fortuyn beëdigd als bewindspersoon. Bij haar sollicitatie had ze stellig beweerd dat ze niet betrokken was geweest rond de Decembermoorden in haar geboorteland Suriname: "U zult van mij geen foto's tegenkomen in uniform."
Maar die foto's bleken er wel te zijn. Sterker nog, RTL Nieuws had de kiekjes gevonden en gepubliceerd. De positie van Bijlhout was onhoudbaar; tijdens de presentatie van de ministers en staatssecretarissen in Balkenende's eerste kabinet trad zij af.
In 2008 verscheen haar autobiografische boek Maar Dan Een Dag, waarin ze over haar leven en werk verteld. Misschien dat Van Berkel ook nog wel een politiek boek publiceert, over haar carrière in de knop gebroken.

12 februari 2026

Cees Nooteboom (1933-2026)

De woensdag overleden schrijver Cees Nooteboom vond na een rooms-katholieke vorming zijn thuis in de mystiek. Na een roerige jeugd zwierf hij decennialang de wereld over. Overal zag hij schoonheid, en raadsels.
Het komt niet vaak voor dat een schrijver na een kritische recensie van zijn werk in een krant, in diezelfde krant reageert, en dan nog wel met een gedicht.
Het gebeurde in 1999. Maarten Doorman had in NRC een nieuwe dichtbundel van Nooteboom, Zo kon het zijn, kritisch besproken. Nootebooms gedichten waren Doorman te filosofisch, zijn poëzie was volgens hem ‘gelegd op een raster van wijsbegeerte, godsdienstgeschiedenis en mythologie’. Het wemelde volgens Doorman in de gedichten van ‘ouderwetse filosofische begrippen als “tijd”, “eeuwigheid” en “ziel”.
Dat liet Nooteboom zich niet zeggen. Hij schreef een gedicht, ‘Nee, Doorman’, dat terechtkwam tussen de ingezonden brieven in de krant.

Lees verder in het Nederlands Dagblad.